Wanneer kan men een vrijstelling bekomen voor de onroerende voorheffing op grond van de bestemming van het onroerend goed?

Voor bepaalde onroerende goederen wordt m.b.t. de onroerende voorheffing een vrijstelling toegekend omdat ze voor welbepaalde - meestal sociale - doeleinden aangewend worden (art. 253, 1° WIB 92 juncto artikel 12 §1 WIB 92). Voor deze vrijstelling dient er aan twee voorwaarden te zijn voldaan: het bestaan van een zogenaamde filantropische bestemming en het gebrek aan winstoogmerk.

 

Antwoord: 

Verder lezen?