Nieuwe regels rond warmtemetingen in appartementsgebouwen op komst

31 oktober 2016
Teaser: 

Minister van Energie Bart Tommelein bereidt nieuwe regelgeving voor die de installatie van individuele verbruiksmeters voor het warmte-, koelings- of warmwaterverbruik verplicht in de meeste appartementsgebouwen en dit uiterlijk op 31 december 2016. Het aantal uitzonderingen op de verplichting zijn beperkt. Ook van een volwaardig overgangsregime is er niet echt sprake. De Vlaamse regering keurde intussen een ontwerpbesluit principieel goed. Bij definitieve goedkeuring zal dit verregaande gevolgen hebben voor de appartementsgebouwen in Vlaanderen. Het ontwerp voorziet immers in de omzetting van een Europese richtlijn.

Op 30 september 2016 keurde de Vlaamse regering een ontwerpbesluit principieel goed. Dit ontwerpbesluit stipuleert dat in appartementengebouwen en multifunctionele gebouwen met een centrale verwarmings-/koelingsbron uiterlijk op 31 december 2016 individuele verbruiksmeters moeten worden geïnstalleerd om het warmte- of koelingsverbruik en warmwaterverbruik voor iedere eenheid te meten.

Uitzonderingen

De individuele verbruiksmeter voor de meting van het verwarmingsverbruik zou vervangen mogen worden door de plaatsing van warmtekostenverdelers op radiatoren indien

(1) het warme water voor verwarming wordt aangevoerd of afgevoerd op verschillende punten in het appartement of

(2) door plaatsgebrek aanpassingen van de verwarmingsleidingen noodzakelijk zijn om de individuele verbruiksmeter te plaatsen of

(3) op 31 december 2016 reeds warmtekostenverdelers geplaatst waren.

De plaatsing van individuele meters voor de meting van het koelingsverbruik of het warmwaterverbruik wordt niet vereist wanneer (1) het koude water voor koeling of het warm tapwater wordt aangevoerd of afgevoerd op verschillende punten in het appartement of (2) door plaatsgebrek aanpassingen van de koelleidingen of warmwaterleidingen noodzakelijk zijn om de individuele verbruiksmeter te plaatsen. Een individuele meter voor het verbruik van warm (tap)water wordt tevens niet verplicht wanneer er op 31 december 2016 al individuele kostenverdelers voor het verwarmingsgebruik zijn geplaatst.

Steeds verplicht bij nieuwbouw, ingrijpende renovatie en vervanging van bestaande meters

Al deze uitzonderingen gelden niet wanneer het gaat om een nieuw of ingrijpend energetisch gerenoveerd appartementsgebouw. In deze gebouwen moeten steeds individuele verbruiksmeters geïnstalleerd worden. Wanneer bestaande warmtekostenverdelers en/of centrale of individuele warmte-, koude- of warmwatermeters worden vervangen zal men voortaan ook steeds moeten kiezen voor individuele verbruiksmeters.

Overgangsbepaling

Als enige overgangsbepaling geldt dat het plaatsen van individuele meters niet verplicht zal zijn indien (1) een gebouw voor 31/12/2018 ingrijpend energetisch zal worden gerenoveerd, ontmanteld of afgebroken, of indien (2) voor 31/12/2018 de verwarmingsinstallatie of de warmwaterleidingen grondig zullen gerenoveerd of vervangen worden. In dit geval zouden de meters eerst moeten ingebouwd worden, terug uitgebouwd en weer ingebouwd, wat niet kostenefficiënt is.

Individuele verbruiksmeters voor het warmte-, koelings- of warmwaterverbruik en warmtekostenverdelers voor radiatoren zullen ook verplicht zijn indien de eenheid niet beschikt over radiatoren die voorzien zijn van een thermostatische radiatorkraan.

Handhaving

Het ontwerpbesluit bevat bovendien nog een aantal onduidelijkheden o.m. met betrekking tot de handhaving van de nieuwe regelgeving. De sancties op inbreuken zouden immers via een ander decreet geregeld worden. Wat we wel al weten, is dat het toezicht zou uitgeoefend worden door de VREG, die zal werken aan de hand van de gegevens in de energieprestatiedatabank. Daarin zitten vooral gegevens van nieuwe gebouwen en van gebouwen die recent ingrijpend energetisch zijn gerenoveerd. Het is nog onduidelijk hoe de VREG in deze context de naleving van de verplichtingen in appartementsgebouwen zou opvolgen. Mogelijk komen er steekproeven of controles bij klachten van (mede-)eigenaars of huurders.

Eisen t.o.v. de individuele verbruiksmeters

De verplichte individuele verbruiksmeters moeten aan bepaalde eisen voldoen. Zo moet het gaan om verbruiksmeters van het integrale type. De maximaal toelaatbare fout moet voldoen aan nauwkeurigheidsklasse 2 voor thermische energiemeters en de gegevens moet zowel ter plaatse als vanop afstand afleesbaar zijn. De meters moeten continu werken en correct worden onderhouden. Minstens elke 10 jaar moet geverifieerd worden of voldaan is aan de technische specificaties van het product. Is dat niet het geval, dan moet de meter worden vervangen.

Europese richtlijn

De reden voor de plotse interventie ligt bij een Europese richtlijn, die uiterlijk tegen 31 december 2016 moet omgezet zijn in nationale regelgeving. Het gaat meer bepaald om de richtlijn betreffende energie-efficiëntie, die dateert uit 2012. Deze richtlijn stipuleert dat tegen 31 december 2016 individuele verbruiksmeters moeten worden geïnstalleerd om het warmte- of koelingsverbruik of warmwaterverbruik voor iedere eenheid te meten, behalve waar dat niet technisch haalbaar en niet kostenefficiënt is.

De omzetting van deze richtlijn heeft lang on hold gestaan. De deadline nadert echter met rasse schreden, waardoor minister Tommelein nu plots haast wil/moet maken.

CIB Vlaanderen blijft dit dossier alvast op de voet volgen. We houden je op de hoogte van verdere ontwikkelingen.

 

Share: