Ook woningen met zorggedeelte kunnen genieten van woonbonus

23 augustus 2016
Teaser: 

Kan iemand die geleend heeft voor de aankoop, bouw of renovatie van een woning met een zorggedeelte integraal aanspraak maken op de woonbonus? In het oude systeem (tot 31 december 2015)  was dit niet het geval. Via het programmadecreet 2016 heeft de Vlaamse regering deze situatie willen remediëren. Let wel, de wijziging draait vooral om vereenvoudiging en is niet noodzakelijk voordeliger dan het oude systeem.

De Vlaamse decreetgever heeft via het programmadecreet 2016 duidelijkheid willen scheppen rond de mogelijke toepassing van de woonbonus voor leningsuitgaven die betrekking hebben op een gedeelte van een woning dat dienst doet voor zorgwonen.

Niet mogelijk in het oude systeem
Doel van de decretale interventie was om mogelijk te maken dat een belastingplichtige die heeft geleend voor de aankoop, bouw of renovatie van een woning met een zorggedeelte integraal aanspraak kan maken op de woonbonus. Dat was in het oude systeem (tot 31 december 2015) niet het geval. Volgens de definitie van ‘eigen woning’ in de Bijzondere Financieringswet omvat de eigen woning niet het gedeelte dat tijdens het desbetreffende belastbaar tijdperk wordt betrokken door personen die geen deel uitmaken van het (fiscale) gezin van de belastingplichtige.

Terugvallen op federale langetermijnsparen
Het zorggedeelte moet dus in fiscale termen gezien worden als een afzonderlijke entiteit, die niet behoort tot de ‘eigen woning’. Het Vlaamse Gewest is voor dat gedeelte zelfs niet bevoegd. Het resultaat is de enigszins complexe situatie waarbij de belastingplichtige voor het gedeelte eigen woning in aanmerking komt voor de woonbonus en voor het gedeelte zorgwonen terugvalt op het federale langetermijnsparen.

Programmadecreet 2016 biedt uitweg
De Vlaamse regering heeft deze situatie willen remediëren via het programmadecreet 2016. Ook deze keer werd daarvoor gewerkt met een nieuwe fictiebepaling: de persoon die wordt gehuisvest in het kader van zorgwonen (cfr. art. 4.1.1, 18° VCRO) wordt voor de toepassing van de woonbonus verondersteld deel uit te maken van het gezin van de belastingplichtige. Hierdoor worden het zorggedeelte en de hoofdwooneenheid uitdrukkelijk als één eigen woning beschouwd.

Mogelijkerwijs komt het zorggedeelte tevens in aanmerking voor het federale langetermijnsparen en voor de gewone intrestaftrek. Er is nergens uitdrukkelijk bepaald dat de woonbonus niet kan worden toegepast als de belastingplichtige reeds aanspraak heeft gemaakt op het langetermijnsparen. In een nieuw decreet zal binnenkort worden verduidelijkt dat voor het zorggedeelte geen cumul mogelijk is van de Vlaamse woonbonus en het federale langetermijnsparen + de gewone intrestaftrek. Wat impliceert dat dit vandaag wel kan. Wie snel is, kan dus misschien een slag slaan.

Bron: Decreet van 18 december 2015 houdende bepalingen tot begeleiding van de begroting 2016 (BS 29 12 2015).

Share: